woensdag, mei 28, 2008

Industrie bedreigt slagveld

Verdorie. Na het eerdere dossier van de "Bloedbeek" (Diepenbeek, waar de hevigste gevechten in 1708 plaatsvinden), opnieuw een aanval van de industriezone op een prachtig stuk kouter.

Mars tegen uitbreiding De Bruwaan

RONNY,DE COSTER 28-05-2008 Pag. 15

Eine

De bewoners van Eine gaan een protestmars houden tegen de mogelijke uitbreiding van industriezone De Bruwaan. De stad heeft 4 jaar geleden zelf de basis gelegd voor de omstreden plannen, dus op hulp uit die hoek hoeven de bewoners niet te rekenen.

Ronny DE COSTER

De jongste gemeenteraadszitting kende een vrij woelig verloop en dat had alleen maar te maken met de discussie over de mogelijke uitbreiding van de industriezone De Bruwaan.

Elisabeth Meuleman (Groen!) wilde de gemeenteraad bij hoogdringendheid laten stemmen over een negatief advies, wat de stad volgens haar over dit dossier hoort uit te brengen. «Dit is hoogdringend. Ten laatste op 16 juni moeten alle bezwaarschriften binnen zijn. Ook een negatief advies van de stad kan niet later dan die datum», probeerde Meuleman het punt op de agenda te krijgen. Maar burgemeester Marnic De Meulemeester (Open Vld) ketste de vraag van Meuleman af. Volgens hem was er geen hoogdringendheid.

Geen steun

De bewoners van de bedreigde wijk Herlegem in Eine moeten niet rekenen op steun van de stad Oudenaarde. Het dossier dat de uitbreiding van de industriezone De Bruwaan mogelijk maakt, past in de stad haar eigen ruimtelijke plannen. Alle bezwaren die er bij de afsluiting van het openbaar onderzoek half juni kunnen liggen, zullen van bewoners zijn. De stad verzet zich helemaal niét tegen de plannen.

De stad wist vier jaar geleden al dat de wijk Herlegem wordt opgeofferd, mocht Oudenaarde 'ooit' kampen met een gebrek aan industriegrond. Dat heeft schepen van Ruimtelijke Ordening Richard Eeckhaut (CD&V) toegegeven tijdens de gemeenteraad. Sindsdien zijn in het gebied wel nog bouwvergunningen voor nieuwe woningen afgeleverd. «En daarbij heeft de stad mooi verzwegen dat die huizen vroeg of laat wel eens weer moesten verdwijnen. Die bewoners hebben nu alle reden om bij het stadsbestuur een forse schadeclaim in te dienen», vindt oppositieraadslid Marc Ottevaere (Samen).

Bewoners van de betrokken wijk, die de gemeenteraad massaal bijwoonden, dropen ontgoocheld af. «Ons protest wordt er niet minder om», verzekerde Peter Hebbellynck, woordvoerder van het actiecomité. Donderdagavond organiseren de Einenaren een protestmars tegen de mogelijke uitbreiding. De tocht start om 19.30 uur aan de hondenschool. Een uur later is er een stop aan de uitkijktoren aan Rooigem. Daar is een toespraak gepland.



(daar beneden, dus)

zaterdag, mei 24, 2008

Pauli's Pen - Père La Chaise

Knal. Wat kan hij toch goed schrijven.

Pauli's pen: Kathleen, of de schijn van het zijn
Kathleen Van Brempt schaft alle biodiesel af op de bussen van De Lijn. "Het is niet zeker of biodiesel wel milieuvriendelijk is", legt ze uit. Vertaal: het schijnt dat biodiesel niet zo goed is als ze voordien dacht.
Dus verandert Van Brempt snel van koers. Om de schijn.
In september 2005 - dat is geen volle drie jaar terug - kon collega Jeroen Verelst de volgende enthousiaste woorden optekenen van diezelfde Kathleen Van Brempt. Eén vraag over biobrandstof en Van Brempt stond in vuur: "Nog een van mijn stokpaardjes. In de toekomst moeten alle bussen van De Lijn op biodiesel rijden. We spelen hier een pioniersrol."

Toen was diezelfde Van Brempt enthousiast, want toen had het er alle schijn van dat 'bio' het toverwoord voor de toekomst was. Biodiesel was zogezegd populair, en alleszins modieus, en dus stapte Van Brempt mee. Vandaag is biodiesel minder modieus en dus trekt diezelfde Van Brempt er snel haar handen van af. Maar haar antwoord heeft ze wel klaar: "Ik wil het niet op mijn geweten hebben dat De Lijn brandstof gebruikt waarvoor tropisch regenwoud gekapt is of waarvoor voedselproductie is moeten wijken."

Hola: ze roept Het Geweten in. Het Geweten als opperste scheidsrechter in een al bij al ordinaire beslissing over de naft van bussen. Alleen voor Van Brempt is zo'n onbenulligheid een gewetenskwestie. Iets waarvoor je alleen respectvol het hoofd kunt buigen.

Tenminste, in haar eigen universum. In die imaginaire Wetstraatwereld die haar oerknal beleefde met het ochtendgloren van paars. Het was de tijd dat de SP kopstukken loosde: Fred Erdman, Jan en Leo Peeters, Eddy Baldewijns, Marcel Colla. Te oud, te grijs, te saai, te weinig sexy. En veel te weinig stemmen.
Natuurlijk drong zo'n wissel van de wacht zich op. De SP leed een historische nederlaag en dus betaalt ook het leidende politiek personeel het gelag. Als een voetbalploeg aanmoddert, is de technische staf ook de pineut.

En het is even logisch dat 'jonger en beter' dan zijn kans grijpt. Het nieuwe kopstuk Stevaert genoot wel van dat jonge, trendy gevolg van beautiful people, zoals de Gentse schepen van Onderwijs Freya Van den Bossche, Animovoorzitster Caroline Gennez en Europees Parlementslid Kathleen Van Brempt.
Ze profileerden zich met de overmoed die eigen is aan de jeugd. En omdat ze jonge vrouwen waren, daagden ze erg feminien uit. Ze werden 'babes' genoemd en spraken dat niet tegen. Van Brempt werd 'Kathleen', en samen met 'Freya' en 'Caroline' leek in die paarse jaren hun motto 'life is pink', een New Labourvariant van 'la vie en rose'.
En je moet al een geschiedenisvervalser zijn om te schrijven dat zij het toen slecht deden. Van Brempt slaagde er bijvoorbeeld als geen ander in om Europese thema's interessant en relevant te houden, en door zowel oude travaillisten (de verdediging en modernisering van het statuut van de havenarbeiders) en nieuwe progressieve kiezers aan te spreken (haar ijver voor een verbod op dierproeven voor cosmetica). Dat laatste was niet het ding van dokwerkers, maar wel van potentiële nieuwe kiezers. Ze kreeg er veel pers mee, en een sympathiek imago.

Alleen werpt dat lichtende voorbeeld van wat 'politiek' hoort te zijn, opgepikt van kopstukken als Stevaert en Janssens, tot vandaag een schaduw over haar handelen: de obsessie om een goede pers te halen. De (waan)idee dat perceptie ongeveer even belangrijk is als de realiteit. In die zin is Van Brempt een kind van haar tijd. Helaas ook in de slechte betekenis van het woord: haar infantiel gedrag wekt ergernis op.

Dat gaat van grote tot kleine fouten. Van Brempt ging met de billen bloot toen bleek dat ze haar Humo-eindejaarsvraagjes door haar woordvoerster had laten invullen en dat die een hip tv-programma vermeldde dat Van Brempt nooit had gezien. Tot ze in een pijnlijke 'De Week van' ontmaskerd werd.

In februari maakte ze haar politieke comeback na de geboorte van haar dochtertje. Dat werd 'gevierd' met een paginagrote moeder-en-kindfoto in een weekendkrant. Nog goed dat het om een discrete foto ging, of we hadden hier iets lelijks geschreven over politici die hun kinderen prostitueren voor hun eigen profijt. Ook Open Vld'ster Christl Strubbe sleurde voor die reportage trouwens haar kroost voor de camera. In diezelfde krant lanceerde Van Brempt de politieke eis over de uitbreiding van het vaderschapsverlof. Het was een schaamteloze exploitatie van haar gezinsleven, een zelden gezien ineenvloeien van privé en politiek.

In diezelfde dagen werd in Vlaanderen het tijdschrift Team Time verdeeld. Deels betaald door de overheidsbudgetten waarover Vlaams minister Van Brempt beschikt. Met binnenin een reportage over de verdeling van de huishoudelijke taken tussen Van Brempt en haar partner. Politieke reclame op overheidskosten en met inkijk in het eigen privéleven.

En dat terwijl Van Brempt naam begon te maken toen Louis Tobback SP-voorzitter was. Onlangs poneerde die: "Ik vind: als je je stemmen moet halen door te paraderen met mevrouw en de kinderen en door je emoties tentoon te stellen, hou er dan liever mee op."

Van Brempts generatiegenote Freya Van den Bossche deed Tobback ooit af als een man van een vorige generatie, omdat hij kritiek had geuit op haar politieke maniertjes (het koketteren met de moeilijke combinatie gezin en werk, het lastige leven van een politicus). Nu is Tobback nog altijd alive and kicking, terwijl Van den Bossche net te vaak het nieuws haalt als een Vlaamse variant van Britney Spears: opgejaagd door paparazzoachtige verhalen, altijd in schandaal(tjes)sfeer: Freya rookt in een cafetaria van een zwembad waar dat verboden is. Een steelse foto op de VRT-site van Tomtesteron van Freya met een onbekende man. Later het nieuws dat Freya gekoppeld is aan de Gentse filmmaker Willem Wallyn. Wat een correctief was op de roddel dat Freya zo af en toe een tong zou draaien met actrice Veerle Dobbelaere.

De babes van toen dreigen vandaag stiefdochters te worden van een politieke cultuur die ze zelf mee tot leven wekten: die van de uiterlijkheden. Ooit belichaamde Freya het toffe, ongedwongen meisje. Vandaag meent elke nitwit met gsm dat hij haar overal kan fotograferen, en sommige kranten en bladen drukken die foto's met plezier af.

'Kathleen' vermeed tot dusver dat 'Freya'-stadium, maar haar fixatie op de pers is er niet minder om. Op die ambitie organiseert ze trouwens haar kabinet. Volgens haar site telt de 'cel pers & communicatie' vijf medewerkers. Dat is meer dan de 'cel sociale economie' (vier) en de 'cel gelijke kansen' (drie), en evenveel als de 'cel algemeen beleid'.

Zo perst en communiceert van Brempt erop los. Op alle mediasites raakt ze, en ze haalt elke week voorpagina's, van De Standaard, Het Laatste Nieuws of De Morgen, en zelfs de achterpagina van de Leuvense Campuskrant - mét kleurenfoto. Ook al is dat om te zeggen dat ze een maatregel die ze zelf invoerde nu weer afschaft.
Als minister Van Brempt tijd heeft om te lezen, zouden we haar The Blair Years van Alistair Campbell aanbevelen, sinds vorige week in pocket verkrijgbaar en dus betaalbaar. Campbell is het archetype van de spindoctor, de man die Tony Blair naar de macht hielp. Uitgerekend uit Campbells relaas blijkt hoe moeilijk hij en Blair het kregen met een pers die ze jarenlang pavloviaans hadden geconditioneerd voor lekkere stukjes, maar die mettertijd haar neus ophaalde voor echt politiek nieuws. En vervolgens geloofden ze Blair niet meer, 'die poseur'.

Daar dreigt Van Brempt te belanden. In één op twee van haar mediaverschijningen merkt de lezer de krampachtige schreeuw om aandacht. Dat is doodjammer, want in die andere één op twee verschijningen toont ze zich als een betrokken en ijverig minister, die goede ideeën koppelt aan het behalen van praktisch resultaat.
Van Brempt hoeft zich toch niet aan te stellen als een politieke Joyce De Troch: veel bekijks, maar in het nieuws komend met dát deel van haar dat geheel uit wind lijkt opgetrokken? Ze zou wel eens een bekwaam minister kunnen zijn, maar stilaan heeft ze de schijn tegen.

Walter Pauli
Adjunct-hoofdredacteur
















vrijdag, mei 23, 2008

Controverse rond tentoonstelling

Stuk uit HLN van vandaag:

Oudenaarde

«De expositie Oudenaarde 1708 in het stadhuis van Oudenaarde steekt vol historische fouten en is een belediging voor niet-katholieken», zegt Elfri De Neve. De advocaat en amateur-historicus roept vrijzinnigen op om niet naar de expo te gaan.

Ronny DE COSTER

Elfri De Neve bezocht onlangs samen met kennissen uit Brugge de prestigieuze tentoonstelling in het stadhuis. Het is de man slecht bekomen. «We wilden de computersimulaties en 3D-voorstellingen zien, maar dat kon al niet: de computers deden het niet. Dat stuk van de expo zagen we dus al meteen aan onze neus voorbij gaan», zucht De Neve teleurgesteld.

En wat hij dan wél zag, beviel hem niet echt. «Deze tentoonstelling zit vol historische fouten», meent de in geschiedenis geïnteresseerde advocaat. «De maquette die wordt getoond, is helemaal niet uit de tijd van de Slag bij Oudenaarde: die toont de stad een halve eeuw later. Daar worden we dus al een stukje bedrogen.»

Oorlogsfilm

Al even historisch oncorrect is volgens hem een oorlogsfilm die op de tentoonstelling te zien is. «Het gaat om 'Barry Lyndon', die het verhaal brengt van de Zevenjarige Oorlog, het vervolg van de Oostenrijkse Successieoorlog. Die heeft dus niets te maken met de Slag bij Oudenaarde, die deel uitmaakte van de Spaanse Successieoorlog», gaat De Neve boos verder.

Het zint de man ook helemaal niet, dat de Reformatie en Contrareformatie op de expo in twee zinnetje wordt afgedaan. «Er wordt gewag gemaakt van protestantse invallen en van de bevrijding door Spaanse soldaten. Maar Oudenaarde was ooit een protestantse stad. Dat wordt hier verzwegen. Dit is een kaakslag voor alle niet-katholieken», vindt Elfri De Neve.

Hij roept de Oudenaardse vrijzinnigen dan ook op om de expositie te boycotten.

Cultuurschepen Guy Hove (Open Vld) is van de kritiek niet onder de indruk. «Een 20ste-eeuwse veldslag is natuurlijk makkelijker te visualiseren dan een 18de-eeuwse. Aan de hand van sfeerbeelden uit films proberen we een 18de-eeuwse veldslag weer te geven. En de tentoonstelling wil zeker geen katholiek of 19de-eeuws standpunt rond godsdienst vertolken. In 1708 waren de 'overwinnaars' trouwens in hoofdzaak protestantse staten - denk maar aan Engeland en Nederland - en misschien is precies dat één van de redenen waarom er nog nooit een gelijkaardige herdenking in Oudenaarde heeft plaatsgevonden», reageert Hove op de kritiek.

Hij verdedigt ook het gebruik van de maquette. «Die is een uiting van het militaire denken dat vanaf 1667 opgang maakt met onder meer vestingen, belegeringen en de ideeën van Vauban, en dat zeker in de eerste helft van de 18de eeuw nog doorleefde», zegt Hove. «En dé waarheid, bestaat die eigenlijk wel in historisch onderzoek», vraagt de cultuurschepen zich tot slot af.

Foto De Coster

«De expo is een belediging voor niet-katholieken», vindt Elfri De Neve.



Voor alle duidelijkheid: ik heb niet echt iets met de tentoonstelling te maken (die is uitgevoerd door het Ename center en de Dienst cultuur van de Stad Oudenaarde) en had ongeveer dezelfde bedenking toen ik de film zag, Barry Lyndon speelt inderdaad vijftig jaar later. Bedrog lijkt me toch wel een beetje te sterk. In de Vauban-tentoonstelling in de Cité du Patrimoine in Parijs (Trocadéro) eerder dit academiejaar gebruikte men evengoed een simulatie van een 18de-eeuwse versterking om uit te leggen hoe het systeem van Vauban werkte. De essentie, m.n. het onder vijandelijk vuur marcheren naar een schietend peloton, blijft m.i. wel intact. Dat de maquette van Oudenaarde van veertig jaar later is, wordt weldegelijk op de tentoonstelling en de verspreide reclame aangegeven.

Dat de 3D-simulatie voor verbetering vatbaar is, moet men maar aan de royaal betaalde tentoonstellingsbouwer verwijten. Er zijn evenwel andere kaarten beschikbaar, als je het boek koopt.

De tentoonstelling is nu eenmaal opgezet voor een breed publiek... Ik heb zelf maar een "aanstootgevend" foutje gevonden, rond de rang van Vendôme, die geen maarschalk van Frankrijk is geworden in 1694, zoals aangegeven op de tentoonstellingsinformatie.

Wat de godsdienstkwestie betreft, lijkt de opmerking van De Neve toch wel een beetje op fundamentalisme neer te komen. Het deel over de Oudenaardse stadsgeschiedenis heeft niet echt iets te zien met de slag zelf, maar dient als algemene reclame voor het Oudenaardse patrimonium. De ergernis van De Neve lijkt me meer te liggen in dit laatste punt... Misschien zijn zijn woorden verkeerd weergegeven in het artikel, maar het lijkt me de enige inhoudelijke kritiek die hij formuleert. De rest heeft betrekking op vormgeving.

donderdag, mei 22, 2008

Delanoë naar beneden, Royal naar omhoog

Delanoë publiceert boek. Delanoë laat zich gaan: valt Ségolène Royal hard aan ("sa gauche, ce n'est pas la mienne"), toetert rond dat hij liberaal én socialist tegelijk is... Aiai. Zie interview met Royal, hier.

zondag, mei 18, 2008

Rambouillet



Het kasteel waar in maart 1999 onderhandeld werd over Kosovo door Madeleine Albright met de Servische en Albanese delegaties. Een tijdje eigendom geweest van de graaf van Toulouse, gelegitimeerde bastaard van Louis XIV en Montespan. Haalt groot fortuin in de familie door de erfelijke functie van Admiraal van Frankrijk (de fun bestaat erin, dat iedereen je een commissie moet betalen bij processen met Franse schepen). Sindsdien heeft ongeveer iedereen er verbleven: Lodewijk XV, Lodewijk XVI, Napoleon, Lodewijk XVIII. Karel X tekende er in 1830 zijn troonsafstand, in het somptueuze dineersalon.



Geen foto's van het interieur, aangezien Rambouillet vandaag een presidentiële residentie is. Dat is spijtig, want de ondergrondse marmerzaal (begin 16de eeuw) is prachtig gerestaureerd (voor het overige staat het kasteel vol met nogal rommelig samengegooide objecten uit verschillende periodes). Het domein rond het kasteel is overigens groter dan dat van Versailles (het park telt verschillende eilanden en heeft een omwalling van 14 kilometer).



Buiten had toevallig net een groot folkloristisch festival plaats, ter ere van een plaatselijke bloem. Een aangename manier om te wachten op de trein terug naar Parijs. Tot mijn verbazing was de rit volledig gratis (Rambouillet ligt, in tegenstelling tot Chantilly, net nog binnen de uiterste reikwijdte van mijn op zondagen gedezoneerde RATP-abonnement), helaas wordt het station niet erg frequent bediend.







Eerder deze week was er de literaire avond rond de Prins de Ligne in het Centre Wallonie-Bruxelles. De Franse gemeenschap heeft een zeer goed gelegen pand in het hart van Parijs (4de arrondissement, praktisch recht tegenover Centre Pompidou, achter Boulevard Sébastopol, vlak tegen het grote Metrostation Châtelet-Les Halles). Donderdag werden er stukjes uit zijn correspondentie voorgelezen waarin hij de grote figuren van zijn tijd typeert: Catharina de Grote, Frederik van Pruisen, Jozef II, Voltaire... Tussendoor speelden strijkers stukjes van Quantz (hofcomponist in Sans Souci). De eerste bekorende "Belgische" culturele activiteit van het jaar. De boekenwinkel van het Centrum is bovendien zeer goed voorzien. Onder andere de Prins Karel-biografie van ene R. Emmery bleek er te verkrijgen :).









Voor wie zich afvraagt of intussen nog wel iets te doen heb: dat is weldegelijk het geval. De uitstap naar Rambouillet is de eerste in ongeveer een maand. De indiendatum voor mijn masterproef nadert met rasse schreden. Wie mij binnenkort vloekend, tikkend en ondervoed tegenkomt in de Cité Internationale, weet waaraan het ligt.

zaterdag, mei 10, 2008

Oudenaarde 1708, Take-Off (2)

Foto's van de tentoonstelling en de boekvoorstelling.


(Max Polonowski, directeur van het Musée des Plans-Reliefs in de Invalides in Parijs)






(stadhuis Oudenaarde, wapens van Karel V: Castilië-Leon, Portugal, Aragon, Oostenrijk, Vlaanderen-Henegouwen, Vrijgraafschap Bourgondië, hertogdom Bourgondië, Brabant, met ketting Gulden Vlies eronder)


(virtuele maquette van Oudenaarde op basis van het geëxposeerde model van Nézot, werkt niet)


(maquette Nézot, 1747)


(Franse vlag)


(Schilderij over de Slag, uit Stadhuis Oudenaarde, 1716)




(Karel II van Spanje))


(Bergeyck)




(Vauban-fontein, Oudenaarde)

donderdag, mei 08, 2008

Fanclub Peter Vanvelthoven

Onze fractieleider groeit.



Nog goede fragmenten op de site van de Kamer. Scrollen naar helemaal onderaan, waar de fractieleider nog slechts in een hemd met korte mouwen en verwarde haren het Vlaams Kartel er goed doortrekt. "Wat een overwinning! Brussel-halle-vilvoorde is geagendeerd... voor tien minuten"

De klucht gaat terug in de koelkast



We dus gaan een tijd niets horen van BHV. Op zich uitstekend nieuws. Het is de meest redelijke oplossing voor een crisis die toch alleen maar tot chaos en ellende kon leiden. Het gezond verstand heeft gezegevierd. Mijn vorige, oppervlakkige, analyse was overigens niet compleet. Zoals de hele Vlaamse pers, blijkbaar (maar dan wel onbewuster dan bij de journalisten), was ik vergeten dat er nog kan geamendeerd worden in de plenaire vergadering van de kamer, om het hele boeltje naar de Raad van State te versturen (wat, luidens art. 2 §2 van de gecoördineerde wet op de Raad van State, kan met een derde van de leden van een parlementaire vergadering...). Que le cirque continue... Tot er een oplossing is. Er is nog tot 2011 om er een te vinden.

Alleen jammer dat het Vlaams Kartel er weer mee weggeraakt om tegelijk wit ("wij stemmen de splitsing") en zwart ("oh, maar bent u tegen de verhoging van uitkeringen en het verlagen van belastingen?" - Sarkozy zou het niet beter hebben kunnen zeggen) te zeggen. N-VA moet zich toch wel heel erg belachelijk voelen, niet? Ik verafschuw de partij en denkbeelden van Gerolf Annemans, maar zijn interventie was wel perfect wat er nu nodig was. De intussen toch wel heel erg belachelijke uitspraken van Leterme ("vijf minuten politieke moed") en Bourgeois ("niet in de Vlaamse regering als het federaal parlement BHV niet splitst") uit 2004 worden best zo veel mogelijk herhaald. Hoe veel dieper kan je gaan, dan op je knieën de Franstaligen smeken om een vertragingsmanoeuvre uit te voeren?

Het doet toch allemaal een beetje denken aan de ruzie tussen Onkelinx en Verhofstadt, vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2006. Alles op voorhand afgesproken? Het lijkt wel zo. Verandert natuurlijk niets aan de triestige toestand waarin ons land na de federale verkiezingen beland is. Politici tonen eens te meer hun irrelevantie aan. Wat heeft de overheid nog voor belang in België ? Een permanente regering van lopende zaken of een regering die beleid voert, het lijkt allemaal geen verschil te maken. Echte beslissingen worden elders genomen. Maar ook dat is een politieke kwestie, natuurlijk.

maandag, mei 05, 2008

zondag, mei 04, 2008

Respact



Petitie van de Belgische studenten om de overheid eraan te herinneren dat ze haar financieel engagement voor het hoger onderwijs moet waarmaken. Tekenen op www.respact.be.

Visite littéraire du champ de bataille à Audenarde

Dans le cadre des festivités du tricentenaire de la Bataille d'Audenarde, une tour de reconnaissance de six étages a été installée au lieu où se trouvait en 1708 le moulin de Rooigem, que les généraux français utilisaient comme QG. L'idéal pour se rappeler de la disposition du terrain.


Grotere kaart weergeven


"Vers cette même droite étaient les princes, qu'on avait longtemps arrêtés au moulin de Royenghem-Capel pour voir cependant plus clair à ce combat si bizarre et si désavantageusement enfourné." (Saint-Simon, VI, chap 15, http://rouvroy.medusis.com/docs/0615.html)



"Dès que nos troupes de cette droite en virent fondre sur elles de beaucoup plus nombreuses, et qui les prenaient par leur flanc, elles ployèrent vers leur gauche avec tant de promptitude, que les valets de la suite de tout ce qui accompagnait les princes tombèrent sur eux, avec un effroi, une rapidité, une confusion qui les entraînèrent avec une extrême vitesse, et beaucoup d'indécence et de hasard, au gros de l'action à la gauche." (Saint-Simon, VI, Chap. 15)



Vue sur les champs entre la colline de Rooigem et les ruisseaux Diepenbeek et Marollebeek, où les plus âpres combats ont eu lieu.

"À mesure qu'elles arrivèrent, elles se jetèrent dans les haies, presque toutes en colonnes, comme elles venaient, et soutinrent ainsi l'effort des ennemis et d'un combat qui s'échauffa, sans qu'il y eût moyen de les ranger en aucun ordre; tellement que ce ne fut jamais que les têtes des colonnes qui, chacune par son front et occupant ainsi chacune un très petit terrain, combattirent les ennemis, lesquels étendus en lignes et en ordre profitèrent du désordre de nos troupes essoufflées et de l'espace vide laissé des deux côtés de ces têtes de colonnes, qui ne remplissaient qu'à mesure que d'autres têtes arrivaient, aussi hors d'haleine que les premières." (Saint-Simon, VI, chap. 15)



Vue sur le village de Lede. Gardé par les lâches troupes du prince-électeur de Liège et Cologne, Jean Clément de Bavière: "Mais ils ni furent pas plutôt, que la terreur les prenant, ils se mirent lâchement à fuir à vauderoute jouant leurs armes, sans avoir vu l’ennemi." ("Le Champ de Mars où Journal exact des campagnes en Flandre, 1702-1713", par le sieur Barbier, Archives de Vincennes, Mémoires et Reconnaissances, 1 M 73)


"The Heights of Huyssche", où l'on tenait conseil de guerre après-bataille: « Oh bien! s'écria-t-il, [Vendôme] messieurs, je vois bien que vous le voulez tous, il faut donc se retirer. Aussi bien, ajouta-t-il, en regardant Mgr le duc de Bourgogne, il y a longtemps, monseigneur, que vous en aviez envie. »

vrijdag, mei 02, 2008

Oudenarde 1708, Take-Off



Hoeft het nog herhaald te worden? 2008 is het jaar van driehonderd jaar Slag bij Oudenaarde (11 juli 1708), een onderwerp dat uw dienaar vrij nauw aan het hart ligt, sinds zijn eindwerk in de middelbare school in het jaar onzes heeren 2002. Honderdvijftigduizend man, uit alle Europese koninkrijken, prinsdommen en republieken vliegen elkaar de haren in, op de velden die hij elke dag doorkruiste om naar school te gaan. En niemand die daar iets over te vertellen had ! Het laatste bruikbare werk in het Nederlands dateerde uit 1977 en was... een uitgegeven humaniora-eindwerk van wat toen nog het Onze-Lieve-Vrouwecollege heette.

Helaas! Het bleek enkel een bewerkte vertaling van Eversley Belfield's zeer aangename Oudenarde 1708, met wat aanvullingen. Na een zoektocht die me naar de bibliotheek van de Koninklijke Militaire School (de cataloog van de UGent was toen nog een echte draak) en bij een gefortuneerde particuliere verzamelaar bracht, was ik al een beetje wijzer. Desondanks kwam het gros van mijn informatie uit werken die bij me thuis stonden, terwijl de internationale verwijzingen niet ontbraken.

Akkoord, er ik wist min of meer wie waar op het slagveld stond, wat de voorgeschiedenis van de Franse expansie in Noordelijke richting was, dat er conflicten waren tussen de twee Franse aanvoerders (god zij dank staan de mémoires van Saint-Simon in de bibliotheek van elke zichzelf respecterende Franstalige), dat er toch wel een juridisch ingewikkelde aanleiding bestond met de Spaanse Successie (het schitterende artikel van Marie-Françoise Maquart in L'Histoire), maar echt bronnenwerk kon ik nog niet verrichten. Ernstige, uitgewerkte bronnenstudies als die van Churchill (ondanks zijn sterke bias in het voordeel van zijn eigen voorouder, de hertog van Marlborough), lazen nog zeer traag. De ongelooflijke verscheidenheid aan personages (kijk bijvoorbeeld eens naar de index op de site van het Heinsius-project van de Nederlandse Veenendaal-dynastie) kon ik nog niet goed vatten. Bovendien was vooral de Franse informatie zeer schaars en voornamelijk tot stand gekomen op basis van door Saint-Simon en de "andere" kant geprojecteerde beelden.

Ik dacht dat mijn werk enkel de interesse van de plaatselijke heemkringen en een paar verzamelaars zou lokken (in dat kader verzorgde ik in 2004 een lezing in de kerk van Mullem, een beetje verrijkt met wat persoonlijke lectuur, maar ook niets meer dan dat). Tot de zaken ietwat begonnen te versnellen twee jaar geleden. Door de BaMa-aflaten voor combineerlustige studenten in de opleiding geschiedenis kon ik eerste licentie rechten en eerste bachelor geschiedenis combineren. Waarover anders een taak maken, dan precies de Slag bij Oudenaarde? Twee jaar later waren ook een bachelorpaper/scriptie internationaal publiekrecht over de juridische kant van de Spaanse erfopvolging en de Vrede van Utrecht achter de kiezen en beschikte ik over iets steviger uitgangsposities om het gevecht met de bron aan te gaan in Parijs. Eigenlijk komt het boek dat deze maand uitkomt, in dat opzicht net iets te vroeg (ik heb intussen al nieuwe bronnen bovengehaald, die voor eens en altijd een paar discussies over Oudenaarde kunnen beslechten). Voor wat de literatuur betreft, staan de voornaamste nieuwe inzichten er intussen al in.

Het was mijn eerste betrachting om gedaan te maken met het beeld van Lodewijk XIV als een soort 18de-eeuwse Hitler of Napoleon (Churchill laat zich in die zin nogal gaan, zie ook het recente - en behoorlijk ergerlijke "Blenheim 1704" van Charles Spencer). Hoewel je hem niet volledig kan witwassen van agressieve intenties, moet je Lodewijk zien als een vorst van zijn tijd. Ook de Oostenrijkse keizer Leopold I (1657-1705) en zijn Engelse collega Willem III (die ook in de Republiek heerst als stadhouder tussen 1672 en 1702), de partners met wie hij moet interageren in de Prinsensamenleving, zijn naar hedendaagse democratische normen gewetenloze machtswellustelingen. Hun enige doelstelling is de staat die ze hebben geërfd, vergroten, net zoals een "goede huisvader" dat wil met zijn familiepatrimonium. De levende wezens die zich op hun grondgebied bevinden, zijn sujets: ze zijn onderworpen aan een vorst en maken geenszins zijn legitimiteit uit. Het mag dan al zijn taak zijn om over hun welzijn te waken, dat welzijn is geen doel op zich. Binnen dat kader doet Lodewijk het zeker niet slecht. Zijn veroveringen zijn duurzaam (Elzas, Frans-Vlaanderen, Franche-Comté), zijn paleizen worden hem door iedereen benijd, zijn onderdanen zijn de meest talrijke en leveren dus ook de beste belastingopbrengsten en de grootste legers.


(Lodewijk XIV door Rigaud, Grands Appartements in Versailles)

Tweede idee, is uit te leggen hoe oorlog relatief statisch is en een veldslag maar zelden conflicten beslist in de Grand Siècle. Het leger slorpt bijna alle rijkdommen op in de vroegmoderne staat, je moet er dan ook niet overdreven mee gaan morsen. In Frankrijk wordt dit verzinnebeeld door de geografisch-defensieve school van ingenieurs en militaire raadgevers (Vauban, Chamlay): alle grendels dicht gooien (defensief) en offensief enkel aanvallen met een zo klein mogelijk aantal onbekende factoren en verliezen. Belegeringen, meer dan veldslagen, zijn de belangrijkste activiteiten van de grote veldheren. Michel Chamillart, voor een tijd controleur-generaal van financiën én secretaris van oorlog in de Successieoorlog, krijgt vapeurs en depressieve aanvallen van de onvoorstelbare druk die de campagnes meebrengen. De echte waarde van de oorlog ligt misschien meer in de culturele betekenis van de oorlogsinspanning van de adel, die de rangen van de grote legers telkens opnieuw opvult met nieuw bloed.


(Chamillart, in de gunst van Lodewijk XIV gekomen tijdens de lange biljartsessies op het kasteel van Marly)

Vechten de Europese machten een stevig robbertje uit, dan kunnen ze dat tenslotte enkel oplossen aan de onderhandelingstafel. En op dat punt zijn het niet zozeer de militairen, als wel de beroepspolitici, handelaars en burgers die tot akkoorden komen. Zoals de prachtige thesis van Lucien Bély aantoonde, vormen zij bij de Vrede van Utrecht al een embryonale versie van de Verlichtingssamenleving. Een (zij het tot de elite beperkte) Europese "sociabiliteit" rijpt onder de laatste jaren van LOUIS LE GRAND.


(Max Emmanuel van Beieren, liefhebber van kaarten, maîtresses en paleizen - beschermer van de latere Muntschouwburg in Brussel - had de nieuwe Karel V kunnen worden, maar verliest uiteindelijk net niet alles)

Maar bovenal is Oudenaarde een episode in een zeer kleurrijk verhaal, met personages met bijzonder uitgesproken karakters, die in alle hoeken van de dan gekende wereld eens voor eigen, dan wel voor die van hun broodheren, proberen te konkelen of te vechten. De Spaanse Successieoorlog is gevuld met anekdotes over Franse maarschalken die in ondergoed worden gearresteerd door de Oostenrijkers, 'soepele' Zuid-Nederlanders die gewillig mee gaan met eender welk van de twee kandidaten op de Spaanse troon, bibberende vrome jonge prinsen die geen beslissingen kunnen nemen, verschillende soorten koninklijke bastaarden, voor eigen rekening plunderende en brandschattende generaals, koninklijke geboortes en overlijdens... Nagenoeg alle belangrijke personages hebben bovendien mémoires nagelaten of zijn vereeuwigd door schilders in de grote Europese musea (Rigaud, Kneller).


(een van de eerder flatterende portretten van Karel II)

Voor alle duidelijkheid: de Spaanse Successieoorlog gaat over... de Spaanse successie. Op allerheiligen 1700 overlijdt een kreupele, rochelende, niet bijster begaafde dwerg in Madrid. Het is de laatste (legitieme, mannelijke :)) afstammeling van Filips II van Spanje. Carlos El Hechizado was al van bij zijn geboorte meerdere keren het graf in gedacht, maar na een finale aanval van dysenterie (die zijn bijgelovige dokters proberen te verjagen door vers geslachte duiven en de ingewanden van net gekeelde schapen op het lichaam van de stervende te leggen) neemt het nog amper twee dagen van krijsen en ijlen, of het is gedaan met de Spaanse Habsburgers.


(Antoine Crozat du Châtel, Frans bankier die een fortuin zal verdienen op de Spaanse kolonies)

Ondanks de, naar beeld en gelijkenis van hun heerser, uitgemergelde en belabberde staat van de domeinen, is het Spaanse rijk nog steeds een aantrekkelijke prooi. Heel Europa wil geld verdienen op de Amerikaanse kolonies en in de Middellandse Zee (Spanje beheerst nog Napels, Milaan, Sardinië en Sicilië). Juridisch zijn er twee mogelijkheden: ofwel volgt een Franse prins Karel II op, ofwel een Oostenrijkse (gezien het huwelijk van zowel Lodewijk als keizer Leopold I met een Spaanse prinses, halfzus resp. zus van de overledene).

Lodewijk XIV en zijn Hollands-Britse evenknie Willem III willen de zaak internationaal regelen. Dat is buiten de Oostenrijkse keizer gerekend. Terwijl met Londen en Amsterdam verdelingsverdragen worden onderhandeld, konkelen de Keizerlijke en Franse ambassadeurs naar hartelust aan het hof in Madrid. Resultaat: de Fransen winnen de strijd tegen de impopulaire Oostenrijkers. Karel II laat zich, na een omweg bij de Paus, een nieuw testament dicteren, dat Filips van Anjou (de eerste afbeelding bovenaan deze post) tot nieuwe koning van Spanje maakt.



(John Churchill, hertog van Marlborough, rechtstreekse voorvader van Winston, samen met de Hollandse raadspensionaris Anthonie Heinsius en prins Eugenius "Turkensieger" van Savoye het hart van de alliantie tegen de Fransen; hoewel dat ook allemaal te relativeren valt)

Korte samenvatting van het vervolg: iedereen in oorlog tegen Lodewijk XIV en de nieuwe achttienjarige Filips V (opa uit Versailles neemt het bestuur in Madrid evenwel nogal persoonlijk ter harte). Twee Duitse prinsen, de prinsbisschop van Luik en Max Emmanuel, keurvorst van Beieren, die ook landvoogd is in het huidige België, volgen Lodewijk XIV, maar veel zal hij er niet aan hebben. Het zijn nog eens de Franse belastingplichtigen die een verwoestende oorlog mogen betalen.

Meer dan aan de dure Beierse lastpakken, heeft de Franse koning iets aan de minister van zijn kleinzoon: Jan van Brouchoven, graaf van Bergeyck, neemt als minister van oorlog en financiën de zaken ter harte in de plaats van de landvoogd. Hij doet meer dan dat: Bergeyck tast namens de Fransen contacten af in Holland, verdedigt zijn beleid in Madrid en vertegenwoordigt terug Filips V in de laatste oorlogsjaren. In de feiten is hij ook een belangrijk adviseur voor het leger in de Nederlanden: hij organiseert voortdurend burgeropstanden in de voornaamste steden en deinst er niet voor terug ook over bredere strategische kwesties in discussie te gaan met Lodewijks ervaren militairen (Vendôme, maarschalk Berwick).


(portret van Vendôme in de databank van de BNF)

De grote Franse nederlaag bij Oudenaarde is dan ook niet noodzakelijk interessant door haar effecten op het terrein (de campagne van 1708 beslist niets, ook al omdat de Spaanse Successieoorlog op meerdere fronten wordt uitgevochten). De controverses rond de gevechten en de rol van de bevelhebbers (de hertog van Bourgogne, oudste kleinzoon van Lodewijk, broer van Filips V en vermoedelijke troonsopvolger in Frankrijk + de hertog van Berwick, maarschalk van Frankrijk en bastaard van de verjaagde katholieke koning van Engeland <=> de hertog van Vendôme, kleinzoon van een bastaard van Hendrik IV) zijn dat des te meer.


(Bourgogne)

Het hele Franse hof passeert de revue bij hun onderlinge gekibbel, dat ondanks de moeilijke psychologie van de 26-jarige Bourgogne (die slechts zelden volhardt in zijn haat jegens Vendôme en eigenlijk vooral niet weet wat hij wil), niet alleen het verloop van de campagne zal ruïneren, maar ook de val van de oudere generaal zal veroorzaken. Uiteindelijk blijft van de vele lineaire interpretatieschema's voor de periode niet veel over, als je eenmaal de zaken van wat dichter gaat bekijken. Maar dat is nu precies het werk van de historicus: "l’A.B.C. de notre métier est de fuir ces grands noms abstraits pour chercher à rétablir, derrière eux, les seules réalités concrètes, qui sont les hommes” (Marc Bloch, L'étrange défaite, p. 57).

Dit alles om u te melden dat volgende week vrijdag het boek wordt voorgesteld aan de pers...